Ministerie van Doedelzaken

Column

Heeft u de ledenwervingscampagne al klaar?

31 maart 2021

De doedelzakvereniging na de covid19-crisis.

Nu het einde van de tunnel in zicht komt voor wat betreft de Covid19-crisis, is het voor doedelzakverenigingen zaak zich op te maken voor een grote ledenwervingscampagne. Niet alleen zijn diverse pipe bands, net als blaasorkesten en koren leden kwijt geraakt, de crisis heeft ook duidelijk gemaakt dat we niet zonder sociale contacten en verbinding kunnen. Muziek en muziekverenigingen spelen daarin een belangrijke rol, al was het alleen maar om de mens weer een leuke en aantrekkelijke vrijetijdsbesteding te geven. Een activiteit die enorm veel voordelen biedt, niet alleen voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren, maar ook voor ouderen (het past perfect in healthy ageing; het gezond ouder worden). Die ledenwerving is om diverse redenen hard nodig want er zijn ook zorgen over de toekomst. Want er is niet alleen concurrentie van andere vrijetijdsbestedingen. Er zijn meer factoren waarom de werving van nieuwe leden, zoals de zo noodzakelijke jeugd, lastig is. Een kijkje bij de buren, ‘de andere blaasverenigingen’, is voor doedelzakbands geen overbodige luxe.

In november 2019, kort voor de aanvang van de Covid19-cirisis, was ik voor een werkbezoek op een conservatorium in ons land. Ik raakte aan de praat met enkele medewerkers over de instroom van nieuwe conservatoriumstudenten. Ik hoorde dat er een tekort was aan bepaalde instrumentalisten. Voor de bezetting van bepaalde blaasinstrumenten is het steeds moeilijker om jongeren te vinden, waardoor de bezetting in (beroeps)orkesten in gevaar dreigt te komen. Het gaat hierbij vooral om blaasinstrumenten die moeilijker aan te leren zijn. Jongeren hebben de laatste jaren steeds vaker gekozen voor ‘makkelijke’ instrumenten en in die trend is geen ommekeer in zicht. Ik kreeg het beeld ook bevestigd door muziekleraren verbonden aan muziekscholen. Jongeren zijn steeds minder geïnteresseerd in het veel tijd steken in het aanleren van een muziekinstrument en willen liever op korte termijn snelle resultaten. Het aanleren van bepaalde muziekinstrumenten past daar niet meer in thuis of jongeren stoppen sneller met een muzikale opleiding dan vroeger. Ouderen lijken meer geduld te hebben voor een opleiding tot muzikant, maar met een overvolle weekagenda gevuld met andere verplichtingen is het maar de vraag of dit bijdraagt aan het goed leren bespelen van een muziekinstrument. Om nog maar te zwijgen van deelname aan optredens.

Al jaren staat het muzikale gesternte niet goed voor muziekverenigingen. Met de komst van het internet kwamen er nieuwe hobby’s bij zoals sociale media en gaming. Ook de bezuinigingen op het muziekonderwijs, zowel binnen het reguliere onderwijs als bij de gemeentelijke muziekscholen, hebben geen positieve bijdrage geleverd aan de hoeveelheid mensen die lid zijn geworden van een muziekvereniging. Veel blaasorkesten zijn in de afgelopen decennia verdwenen of zijn gefuseerd als gevolg van gebrek aan nieuwe leden. Ondanks dat teruglopend aantal verenigingen en de hoeveelheid leden, heeft dat niet altijd geleid tot een negatief effect op de kwaliteit van de muziek. Uit een wetenschappelijk onderzoek, gedaan in 2017, blijkt dat de kwaliteit van Nederlandse fanfareorkesten sinds 1950 gestegen is maar dat dit deels wel ten koste is gegaan van het ‘contact’ met het publiek. Het fanfareorkest verdween van de straat en trok de concertzaal in of het competitiepodium op met gevolgen voor de zichtbaarheid voor het publiek. Eén van de meest bijzondere verhalen die ik recent (maar wel voor de Covid19-crisis) hoorde in het kader van de geschiedenis van de blaasmuziek in Nederland, was de opheffing van een 99 jaar oude fanfare… één jaar voor het 100-jarig jubileum! Wellicht had een projectorkest bestaande uit oud-leden voor een mooi eeuwfeest kunnen zorgen.

Bepaalde orkesttypen zijn geheel verdwenen, zoals bijvoorbeeld het bedrijfsorkest of de drumband. Waar veel bedrijven in de naoorlogse jaren nog eigen amateur-orkesten hadden, zijn die door sluiting, bezuiniging of reorganisaties verdwenen. Hoewel er geen onderzoek naar is gedaan, lijkt het wel of het aantal drumbands de afgelopen jaren ook is afgenomen. In mijn jeugd was het lid worden van de lokale (jeugd) drumband het eerste opstapje naar het blaasorkest. Ik ken diverse mensen in de Nederlandse doedelzakwereld die hun muziekloopbaan ooit zijn begonnen bij de lokale drumband of het blaasorkest, niet in de laatste plaats omdat sommige doedelzakbands ook hun oorsprong hebben in een harmonieorkest of fanfareorkest.

De jeugd is altijd al een interessante doelgroep geweest in de ledenwerving voor muziekverenigingen. Nog even los van het feit dat muziek maken en lid worden van een muziekvereniging een belangrijke positieve bijdrage levert aan de ontwikkeling van het kind, lijkt de jeugd ook een makkelijk te bereiken doelgroep. Uit een onderzoek onder de werving van leden voor muziekverenigingen, zo’n twintig jaar geleden gedaan in Limburg, bleek dat het binnenhalen van jeugdige familieleden goed was voor de ledenaanwas van de muziekvereniging. Maar uit een wetenschappelijk onderzoek, uitgevoerd in 2013, onder basisschoolleerlingen in Noord-Brabant blijkt dat lid worden van een blaasorkest helemaal niet ‘cool’ is. Dat heeft vooral met het imago te maken. En het interessante in dat onderzoek is dat het imago niet wordt bepaald door het repertoire of de kleding die gedragen wordt. De onderzoeker adviseert vooral te kijken naar de identiteit of de doelstelling van de muziekvereniging. Gaat het om muziek maken op hoog niveau of juist om de gezelligheid en de sociale contacten, vraagt de onderzoeker zich af.

Hoe graag Nederlandse doedelzakbands zich ook willen vergelijken met Schotland en de Schotse pipe bands, een kijkje nemen bij de buren in Nederland is veel belangijker. De rol van de muziekvereniging in de samenleving ligt waarschijnlijk deels anders in Nederland dan in Schotland. Kunnen we niet beter leren van wervingservaringen in de Nederlandse Hafabra-sector dan constant maar te kijken naar de Schotse hooglanden?

Een kijkje nemen bij de buren in Nederland is veel belangrijker.

In ons land zijn de afgelopen jaren ook enkele doedelzakverenigingen verdwenen als gevolg van een tekort aan óf juist een uittocht van leden (een analyse van de redenen is interessant voor een latere discussie maar wel erg relevant vanuit reflectieve gezichtspunten). De nog bestaande pipe bands zitten regelmatig te springen om nieuwe leden. De ene vereniging heeft op korte termijn sterke behoefte aan drummers terwijl de andere liever een blik pipers open trekt. Om nog maar te zwijgen over goede drum majors en bands stewards. Natuurlijk zijn er ook bands bijgekomen, soms kannibaliserend op het bestaande verenigingsleven en soms als mooie aanvulling op het aanwezige aanbod aan pipe bands in ons land.

De toekomst van een sterke ledenwervingscampagne voor Nederlandse doedelzakbands ligt in een combinatiestrategie. Jongeren zijn mijns inziens daarbij de primaire doelgroep. Enerzijds op basis van de ervaringen van Nederlandse blaasorkesten en rekening houdend met de rol die blaasmuziekverenigingen spelen in de kunst en cultuursector en daarbij de Nederlandse samenleving. Anderzijds dat Schotse tintje dat zorgt voor een unieke sfeer, muziekbeleving en muziekinstrumentervaring. Als je bij ouders de gevoelige snaar weet te raken dat muziekonderwijs en het leren bespelen van een muziekinstrument in verenigingsverband ontzettend belangrijk is voor de toekomst van het kind, dan heb je een belangrijk onderdeel van die campagne al te pakken. En hoe afgezaagd het ook klinkt maar “wie de jeugd heeft…, heeft de toekomst!” Hoe vaak heb ik als bestuurslid van de doedelzakvereniging niet nieuwe leden verwelkomd die ooit als kind al lid waren  van een doedelzakvereniging óf lid waren van de lokale drumband dan wel blaasorkest óf ooit als kind gefascineerd waren van de op straat marcherende doedelzakvereniging?

Ja, natuurlijk wordt dat geen gemakkelijk opgave. Maar het post-Covid19-tijdperk biedt wel nieuwe kansen. We snakken naar sociale contacten, samen zijn, verbinding zoeken en nieuwe uitdagingen aangaan. Muziek heeft én zal hierin altijd een belangrijke rol spelen. Ieder lid van een Nederlandse doedelzakvereniging zal dit beamen! Heeft u de ledenwervingscampagne al klaar liggen?

Kees Westerkamp (1966) is geen onbekende in de (inter)nationale doedelzakwereld. In zijn muzikale carrière is hij zowel lid geweest van HaFaBra-orkesten als doedelzakverenigingen, heeft hij verschillende bestuursfuncties bekleed en bands of gelegenheidsformaties opgericht. Lees meer over Kees

© Ministerie van Doedelzaken

Andere columns

Yentl Schattevoet: “we mogen trots zijn op onze doedelzakcultuur”

Yentl Schattevoet: “we mogen trots zijn op onze doedelzakcultuur”

In deze rubriek, speciaal voor onze nieuwsbrief, stellen we ieder kwartaal aan een speler van een Nederlandse Doedelzakband de vraag wat hij of zij zou doen als je een jaar lang Minister van Doedelzaken bent; wat wordt het belangrijkste actiepunt? Waar richt je je op? En wat is jouw belangrijkste wapenfeit als het jaar om is? In deze editie is het woord aan de Dreadlock Piper, Yentl Schattevoet:

Naar het conservatorium!

Naar het conservatorium!

De Nederlandse muzieksector, en in het bijzonder die van de Schotse doedelzakken, werd even opgeschrikt. Het begon als...