Als je denkt dat spelen in een doedelzakband al bijzonder is, dan heb je het mis. Sommige pipers en drummers hebben in relatie tot het muziek maken nog een specifieke interesse ontwikkeld. Zo ook Matthy van Klaveren uit Spijkenisse die meer dan zestig kilts in zijn kast heeft hangen. Hij kan dus iedere week een andere kilt dragen. Matthy is voorzitter en pipe sergeant van de Saint Andrews Pipe Band uit Rotterdam. Daarnaast speelt hij ook op de pipes bij de Band of Liberation en is hij sinds enkele jaren pipe major van de Holland Massed Pipes and Drums. Ministerie van Doedelzaken interviewde Matthy over zijn grote verzameling kilts.
Ministerie van Doedelzaken: Hoe is je liefde voor de Schotse doedelzak ontstaan?
Matthy: Mijn liefde voor de doedelzak is, denk ik, ontstaan in de winter van 1977/78. De ex-Beatle Paul McCartney kwam met Mull of Kintyre op televisie. Wat een indrukwekkend nummer! Het Nederlandse muziekprogramma Toppop zond destijds de opname uit die in Schotland was gemaakt. Je zag een pipe band het strand opkomen. Het geluid van de doedelzak raakte me. En dat uniform zag er in mijn jongensogen wel heel erg stoer uit. Pas vele, vele jaren later kwam het idee bij me op om zelf doedelzak te leren spelen.
Ministerie van Doedelzaken: Wanneer ben je begonnen met doedelzak spelen?
Matthy: Op 23 juli 2012 ging ik voor het eerst kijken op een repetitieavond van Saint Andrews Pipe Band in Rotterdam. Het bleek een fijne club met gepassioneerde mensen. Ik ben er nooit meer weggegaan. Inmiddels ben ik ook al vele jaren aangesloten bij de Band of Liberation, een Leids showorkest met twee doedelzakspelers, en bij de Holland Massed Pipes and Drums. Die stelt jaarlijks een massed band samen om te spelen tijdens de intocht van de Nijmeegse Vierdaagse.
Ministerie van Doedelzaken: Wat zijn je hoogtepunten als doedelzakspeler?
Matthy: Mijn hoogtepunten als doedelzakspeler zijn talloos, zowel bij kleine als grote evenementen. Zo heb ik ooit mogen spelen op een 50-jarig huwelijksfeest op het strand in Sardinië (Italië). Het was een feestje voor twee personen. Daar had de man om middennacht voor zijn vrouw een klein tafeltje neergezet met een kaarsje, een kleedje, een fles wijn en een picknickmand. Ik kwam lopend uit het water voor ze spelen. Dat was klein en intiem, maar juist daardoor erg bijzonder.
Bij de grote optredens denk ik bijvoorbeeld aan het meespelen met Frans Bauer en Lee Towers in Ahoy. Maar ook het spelen met diverse bands op de stranden van Normandië was fantastisch. De grote shows met de Band of Liberation en de Floraband in Luzern, Belfast, Manchester, Frankfurt en vele andere steden waren ook geweldige ervaringen.
Ik denk ook aan het spelen onder de Menenpoort in Ieper of bij de slagvelden rond Passendale en historische locaties in Amiens en Verdun in Noord-Frankrijk. En dan natuurlijk de Nijmeegse Vierdaagse: met de Holland Massed Pipes and Drums tijdens de intocht op de vierde wandeldag over de Via Gladiola! Geweldig!
En wat dacht je van drie weken lang meespelen met André Rieu op het Vrijthof! Wat was het bijzonder om dat mee te maken!
Maar… het allermooiste? Voor nu is dat onze reis met de TRIS, de voormalige Troepenmacht in Suriname, naar Paramaribo voor Srefidensi Dey, de viering van 50 jaar onafhankelijkheid van Suriname. De parade was pure kippenvel, en dat bij 40 graden! Het Surinaamse publiek ging compleet los bij het horen en zien van de doedelzakken. De week erna waren we vip’s in Suriname. Wat een ongekende belevenis was dat!
Tekst gaat verder onder de afbeeldingen



Eigen foto’s
Ministerie van Doedelzaken: Hoe is het verzamelen van kilts begonnen?
Matthy: Als je mijn kledingkast nu ziet, geloof je het niet, maar als kind vond ik kleding absoluut niet interessant. Mijn moeder moest me meeslepen naar een winkel om een nieuwe broek te kopen. Mijn standaard verwijten waren: ‘ik heb al een broek’ en ‘ik hoef toch niet naar de koningin?’
Tijdens mijn diensttijd als Huzaar van Boreel bij het verkenningseskadron van de Cavalerie kreeg ik geld om zelf te besteden. In combinatie met vriendinnetjes die konden toveren met leuke kleding, raakte ik steeds enthousiaster over de charme van mooie kleding. Mijn toenmalige partner wist mij vaak te verrassen met haar geweldige keuzes in jurken en rokken. Mijn interesse in kleding in al zijn vormen groeide daardoor flink.
En toen viel mijn oog op een kilt met plaid. Ik vond het geweldig en heb hem dus gekocht. Maar na de aanschaf kwam het probleem: bij welke gelegenheid draag je nu een kilt? En toen dacht ik, laat ik maar doedelzak gaan spelen, dan heb ik in ieder geval een excuus om die kilt te dragen. En zo kwam ik uiteindelijk bij Saint Andrews Pipe Band in Rotterdam terecht.
Het leuke, maar ook het vervelende, van kilt is dat er zoveel keuzes zijn. En ik kon de verleiding niet weerstaan om meer kilts aan te schaffen. Het begon met een oude wollen kilt bij Steven Scholte. Daarna volgde een poly-viscose kilt die ik op internet kocht met de Hamilton Gray tartan. En toen kwam de volgende kilt, Lion Rampant. Ook weer geweldig!
Het hield niet op. Er volgden meer kilts met andere tartans zoals Saltire, Black Watch, Anderson en Hodden Grey, bekend van het London Scottish Regiment. Het bleef maar doorgaan. Ik kocht een Black Stewart, een Auld Lang Syne en een Ramsay Blue. Ach, je snapt het patroon wel.
Op den duur volgden ook moderne tartans van de Schotse ontwerper Howie Nicholsby, van zijn winkel 21st Century Kilts in Edinburgh. Zo ging het snel. Bij iedere kilt die ik kocht, was ik opnieuw verliefd. En ondanks de meer dan zestig kilts die ik inmiddels heb, denk ik iedere keer als ik de Whisky Kilt van de Nederlandse tartanontwerper Edgar van de Crommert zie: ‘Wauw… die wil ik ook!’





Ministerie van Doedelzaken: Koop je je kilts op Marktplaats of laat je ze op maat maken bij een kiltmaker?
Matthy: De meeste kilts heb ik tweedehands gekocht in Schotland, want mijn budget was niet al te ruim. Het was juist erg leuk om in Schotland gericht op jacht te gaan, in de hoop die ene mooie tartan voor een fatsoenlijke prijs te vinden. Op den duur heb ik toch de grote stap gezet. Bij 21st Century Kilts heb ik een kilt, vest en jacket op maat laten maken. Dat kost wat, maar dan heb je ook wel iets geweldigs in handen!
Ministerie van Doedelzaken: Je hebt inmiddels dus meer dan zestig kilts, heb je ook een streefgetal?
Matthy: Het aantal kilts is in de loop der jaren ongeremd gegroeid, puur uit enthousiasme omdat ik ze allemaal mooi vond. Ik heb geen streefaantal. Uiteindelijk is er natuurlijk wel een maximum, want op een gegeven moment past het gewoon niet meer in huis! Daarom ben ik de kilts die ik niet meer droeg gaan verkopen. Maar bij iedere verkoop deed het me pijn. Ik vond de kilt en bijbehorende tartan tenslotte nog steeds ontzettend mooi! Maar er was ook troost: het was wel heel leuk nieuwe kiltdragers te ontmoeten en hen te zien stralen in hun eerste kilt!
Ministerie van Doedelzaken: Je hebt al behoorlijk wat tartans genoemd. Wat zijn eigenlijk je meest bijzondere kilts?
Matthy: De meest bijzondere set die ik had, was de Hodden Grey van het regiment London Scottish. Een complete full dress, met alles erop en eraan. Een geweldige kleur en een prachtige stof. Helaas was het niet mijn maat. Daarom heb ik de set verkocht aan een liefhebber en verzamelaar in België.
Nu zijn de kilts van 21st Century Kilts mijn pareltjes. Maar zoals ik eerder al zei: ik vind al mijn kilts mooi! Eigenlijk zijn ze allemaal mijn favoriet! Daarnaast heb ik heel wat oude militaire kilts van de verschillende regimenten. Ook die koester ik.
Ministerie van Doedelzaken: Hoe bewaar je de kilts en hoe zit het met het onderhoud?
Matthy: Ik heb een walk-in closet. Ik ben namelijk niet alleen gek op kilts en alles wat daarbij hoort; ik heb ook een mooie verzameling bijzondere schoenen, colbertjes en broeken.
Mijn kilts draag ik met liefde. Ik verzorg ze en hang ze netjes weg. Een goed onderhouden kilt gaat tenslotte langer mee dan jezelf!
Ministerie van Doedelzaken: Draag je alle kilts zelf en zo ja, bij welke gelegenheden? Of verhuur je ze ook?
Matthy: Verhuren? Ik moet er niet aan denken! Ik ben veel te bang dat ik beschadigde kilt terugkrijg. En natuurlijk draag al mijn kilts! Ik draag (nog) geen kilt naar mijn werk, maar verder eigenlijk naar alle gelegenheden: tijdens het winkelen, thuis op de bank, naar de supermarkt, op verjaardagen en op vakantie. Dat laatste kan ik iedereen aanraden. Met een kilt aan heb je altijd aanspraak. Mensen maken een praatje en willen soms met je op de foto. Ik kan dan ook iedereen aanraden om een kilt te dragen. De kilt is een geweldig kledingstuk!
Ben, of was, jij lid van een Nederlandse doedelzakband en heb je een bijzondere passie in relatie tot het muziek maken, kilts of uniformen, Schotland of de Schotse cultuur, laat het ons weten! Je mag uiteraard ook een medelid opgeven.


